Vordere Wasserstellung

De Vordere Wasserstellung (ook wel Erste Wasserstellung) is een door de Duitse bezetter ingerichte waterlinie achter de langs de kust lopende Atlantikwall. De verdediging was gericht op een vijand die op de kust zou zijn geland en de Atlantikwall had doorbroken. Achter de Vordere Wasserstellung was een tweede waterlinie ingericht: de Hintere Wasserstellung. Deze volgde grofweg het tracé van de Oude Hollandse Waterlinie.

Elke locatie wordt hier beknopt beschreven en van een recente foto voorzien.

Vordere Wasserstellung
In blauw zijn de polders aangegeven die van voorjaar 1944 tot voorjaar 1945 zijn geïnundeerd - op basis van namen van polders, de bereikte hoogte en door dwangarbeiders aangelegde kaden zijn hierin niet meegenomen.
De rode vlakken zijn de polders waarvan bekend is dat deze niet geïnundeerd zouden worden maar waarvan de dijken voorzien waren van springladingen. De twee grote witte cirkels zijn twee forten die herbruikt zijn. De kleine witte stippen zijn drie Nederlandse kazematten en de lichte bunkers en tobruks waarvan de bouw bekend is.

Locatie

Het tracé van de Vordere Wasserstellung zou gelopen hebben vanaf Edam, via Krommenie tot en met Spaarndam en Haarlem. Dit komt overeen met het noordelijk en westelijk deel van de Stelling van Amsterdam. Diverse van haar inundatiesluizen werden in opdracht van Duitse bezetter geopend. Enkele bronnen noemen dit tracé niet maar dat komt mogelijk omdat er geen bouwwerken in zijn aangebracht. De bestaande forten werden gebruikt voor legering van manschappen en munitieopslag.
Vanaf Hembrug, via Sloten (ten zuidwesten van Amsterdam) sloot de Vordere Wasserstellung aan op het Verteidigungsbereich Amsterdam. Fliegerhorst Schiphol kwam achter de verdedigingslijn te liggen.
De tracés Spaarndam - Haarlem en Hembrug - Sloten liggen achter elkaar en de aansluiting tussen de beide delen is nog onbekend.

Het tracé vervolgde zich vanaf Schiphol langs de waterwegen via Oude Wetering, Alphen aan de Rijn en Gouda naar Moordrecht. Bij Moordrecht sloot de Vordere Wasserstellung aan op de inundaties die ten noorden van Rotterdam waren gesteld.

Vermoedelijk liep het tracé verder langs de Lek, Noord, Oude Maas en Dordtse Kil over de plaatsen Kinderdijk, Alblasserdam en Zwijndrecht naar de Moerdijkbruggen.
Vanaf Moerdijk liep het tracé via, Roodevaart, Zevenbergen, Mark, Standaarbuiten, Stampergat, Roosendaalse Vliet, Roosendaal, Wouwse Plantage naar Bergen op Zoom.

Alle grote en kleine schepen (zelfs kano's) die langs het tracé lagen, moesten bij verordening van 21 juni 1944 verplaatst worden naar het gebied ten oosten van het Merwedekanaal (nu Amsterdam-Rijnkanaal). Vermoedelijk om te voorkomen dat een vijandelijke troepenmacht er gebruik van zou kunnen maken om over de inundaties te komen.

Inundaties

De gehele Vordere Wasserstellung werd gedekt door inundaties van april 1944 tot mei 1945. Alleen de Haarlemmermeerpolder (midden satellietfoto) werd niet geïnundeerd maar in de omgeving van Lisse, Hillegom, Halfweg en Burgerveen van springladingen voorzien om eventueel een springcoupure te maken. In geval van nood kon de zuidelijke helft van de polder onder water gezet geworden en werd afgezien van een nieuwe dijk in de polder.
Ook de Wijde Wormer (boven satellietfoto) was van springladingen voorzien. Deze polder is echter wel geïnundeerd en stond in ieder geval in december 1944 onder water.
In de zeedijk nabij Schellingwoude (noordoost van Amsterdam) waren ook springputten geplaatst om een nood-inundatie tot stand te brengen. Dit is niet uitgevoerd waardoor ook een door het verzet voorbereide tegenactie - het in de bres varen van schepen - niet nodig was.
Op enkele plaatsen werden tankgrachten gegraven zoals ten westen van Alphen aan de Rijn. In de Haarlemmermeerpolder werden tankgrachten ten westen en zuiden van Fliegerhorst Schiphol en nabij Leimuiderbrug aangelegd.

Bouw

Een beperkt aantal verdedigingswerken werd met beperkte middelen door Duitse troepen gebouwd. In juli 1942 werd een (mij) onbekende divisie gelegerd in Zaandam, Amsterdam, Halfweg, Alphen aan de Rijn, Gouda en langs de Hollandse IJssel. Zij begonnen met het inrichten van de Vordere Wasserstellung.
Deze divisie vertrok in december 1942 waarna de werkzaamheden afwisselend zijn uitgevoerd door de Heere (leger) en de S.S.
De voorbereidingen stonden, in ieder geval in Noord-Holland, onder leiding van Oberleutnant H ölling, Oberbaurat Kiel en Major Dielinger.

Verdedigingswerken

De meeste bouwwerken betroffen aardwerken en loopgraven in hogere terreindelen zoals dijken en brugtaluds. Er zijn slechts enkele lichte betonnen bouwwerken gemaakt. Tevens zijn werken van de Stelling van Amsterdam herbruikt, in ieder geval de Kazematten Slotertocht, Batterij aan de Aalsmeerderweg, Fort bij Aalsmeer evenals loopgraven in de Geniedijk in de Haarlemmermeer waarin deze werken liggen. Tevens Fort bij Kudelstaart en een deel van de Linie Kudelstaart - Uithoorn.

Literatuuronderzoek, fotografie (tenzij anders aangegeven) en technische realisatie: René Ros
Met informatie bijdragen van diverse personen, waaronder Hans Baas, René Dolfsma, Joop Schreuder en David Ross.

Bronnen o.a.:
- Achter de bres, De Rijkswaterstaat in oorlogstijd. A. Waalewijn
- verzetsrapporten en na-oorlogse inventarisaties raadpleegbaar bij het Nederlands Instituut voor Militaire Historie
- Archief Bureau Registratie Verdedigingswerken bij CAD Ministerie van Defensie