Koude Oorlog Luchtmacht

Navigatiestations

Eind 1945 ontstond het eerste plan voor de naoorlogse luchtverdediging op basis van het Engelse systeem van radar, peilstations en vliegtuigen: Ground Controlled Interception (GCI).
Vanaf 1947 werden de opleidingen in Engeland gevolgd en in november 1947 werd het eerste radarstation (Scheveningen) in gebruik genomen.

Voor het leiden van de luchtverdediging was het noodzakelijk om een aantal radarstations te hebben voor het produceren van een luchtbeeld en het aansturen van de jachtvliegtuigen. Als misleiding werden deze radarstations 'Navigatiestations' genoemd.
In Nederland waren in de jaren 1950 vijf radarstations omdat de radars nog niet het hele land konden bestrijken. Naarmate het bereik van de radar verbeterde waren steeds minder radarstations nodig. Enkele hebben alleen als mobiele eenheid bestaan en zijn nooit van permanente bunkers voorzien. Bunkers werden gebouwd van 1952 tot en met 1957 en wel op de locaties Nieuw Milligen, De Lier, Den Helder en Appingedam. Een operations (OPS) bunker en eromheen kleinere bunkers met apparatuur voor de erbovenop staande radars.

Uiteindelijk bleef alleen NS "V" bij Nieuw Milligen over waar ook het Sector Operations Centre/ Control & Reporting Centre (SOC/CRC) enige tijd was gevestigd.
 

Sector Operations Centre

Vanaf het begin was er sprake van een operationsroom, later Sector Operations Centre (SOC), voor het leiden en sturen van de navigatiestations. Het SOC was op drie achtereenvolgende locaties gevestigd.
   

Scheveningen

Vanaf eind 1947 was de operationsroom gevestigd in het Grand Hotel in Scheveningen. De verbindingen met de vliegbases en navigatiestations waren niet aanwezig of erg slecht. Wel was er een verbinding met het eerste radarstation, ook in Scheveningen, welke later het Navigatiestation Zuid-Holland (NS "Z") werd.
In januari 1951 verhuisde de operationsroom naar een nabijgelegen pand aan de Gevers Deynootweg 1B in Scheveningen. Dit bleef de vestigingsplaats tot aan de verhuizing naar Driebergen.
   
Driebergen
(Foto: Kees van de Waal, 1995)

Driebergen

In 1950 werd begonnen met het inrichten van een voormalig Duitse bunker bij Driebergen. Deze bunker was voor de Stab I. Jagdkorps van de Luftwaffe gebouwd in 1943 en 1944 maar niet gebruikt. In 1948/1949 was het al verbouwd met een camouflage als kantoorgebouw.

Op 15 februari 1952 werd het SOC Driebergen opgericht en op 23 mei 1952 in gebruik genomen. Het nabijgelegen Swagerman-Kamp werd voor de huisvesting van personeel gebruikt.
Al gedurende de eerste helft van 1952 was de bunker buiten gebruik voor omvangrijke aanpassingen. Deze waren nodig door wijzigingen in de NAVO-structuur en de uitgebreidere taken die het centrum in oorlogstijd zou krijgen. (Air Control Centre).
Op 18 augustus 1958 werd de SOC-taak overgenomen door het Navigatiestation Veluwe (NS "V").
   

Nieuw-Milligen

Vanaf 18 augustus 1958 was het SOC gevestigd te Nieuw-Milligen en gecombineerd met het Navigatiestation Veluwe (NS "V"). Door nieuwe systemen kon er sneller en rechtstreeks aan het SOC gerapporteerd worden die daarvoor op een navigatiestation gevestigd moest worden. In 1962 volgde een verdere integratie binnen de NAVO.
Het Flight Information Centre (voor hoge verkeer) kwam in juli 1964 uit Hilversum naar de voormalige houten ops-room in Nieuw-Milligen. Als Military Air Traffic Control Centre MilATCC) kreeg het in december 1968 een plaats in de ops-bunker.

Het Sector Operations Centre/ Control & Reporting Centre (SOC/CRC) is tegenwoordig nog in gebruik en heeft ter plekke een eigen 3D-radar type Medium Power Radar (MPR) en een Radarpost Noord. Het onderdeel heet tegenwoordig Air Operations Control Station (AOCS) Nieuw Milligen. De apparatuur is steeds aangepast. Een grote bouwkundige aanpassing aan de bunker vond in 1985-1986 plaats voor het Airborne Warning and Control System (AWACS). In 1994-1995 werd de bunker gerenoveerd en in 2003 werden de drie pantserstalen koepels voor ventilatie en nooduitgang verwijdert. Er zijn plannen voor een nieuwe bunker.

Voor de militaire luchtverkeersleiding (MilATCC) werd vanaf 1986 een eigen bunker gebouwd en met het PHAROS II systeem in mei 1994 in gebruik genomen. Het krijgt radarbeelden onder andere door medegebruik, sinds mei 1971, van de civiele radarpost bij Herwijnen (Gld.).

Locatie bekend maar niet gepubliceerd.

 

Navigatiestation Achterhoek (NS "A")

Van september 1948 tot maart 1949 was het als mobiele eenheid met call-sign DUSTBIN als proef opgesteld op de Vliegbasis Twenthe. Vanaf 1 maart 1949 werd het navigatiestation nabij Winterswijk opgesteld voorzien van Type 15 MK II radar en later ook 13 Mk II en 14 Mk II.
In 1953 werd besloten het station permanent te maken met een OPS-bunker en vijf radars (3x SGR 109, SGR 110 en SGR 122). Maar in circa 1955 was het station niet langer meer nodig, werd het opgeheven en de bouwplannen beeindigd. Het opleidingsstation LOGGER bleef er wel gevestigd maar ging, na de periode van 1956 tot 1958 in Kamp Holterhoek bij Eibergen, naar NS "Z" over.
Het werk is herkenbaar op een kaart of luchtfoto.
Zie ook KL Post Alfa
   

Kamp Vosseveld

Aan de Steengroeveweg werd een kamp hergebruikt dat onder andere NSB gevangenkamp en depot van het strafkamp Veenhuizen was geweest. Na gebruik door de luchtmacht is het nog een opvangkamp voor Molukkers geweest. Tegenwoordig is het een gemeentewerf.
 
Navigatiestation Groningen (NS G)
(Foto: Henk Hulzebos, 2002)

Navigatiestation Groningen (NS "G")

Op 15 augustus 1948 met call-sign MERRY GO ROUND als mobiel station gestart op voormalig ijsbaanterrein van Farmsum. In mei 1949 verhuisd naar Oling, aldaar met radar AMES Type 15 III, Type 13 en Type 14a1.
Vanaf 1952 werd het kortere call-sign FLOORSPACE gebruikt. In de jaren erna werd het van nieuwe radars voorzien, namelijk AN/TPS-1D (1953) en AMES Type 15 Mk V (1957).

De zeven bunkers van het Navigatiestation, waaronder de OPS-bunker 'Uitwierde', werden tussen 1951 en 1958 gebouwd. De bunkers liggen ten noorden van Marsum (Groningen), verspreidt in de weilanden langs de Marsumerweg. Er was ruimte voor maximaal 378 manschappen die vooral een plaats hadden in de OPS-bunker met 50 ruimtes en buitenmuren van maximaal 5,6 meter.

Voor het uitrusten met nieuwe radars (ER 438 en SGR109's) werd het station van december 1961 tot juni 1962 gesloten. Slechts twee jaar later werd het station opgeheven en de radars naar Duitsland overgebracht.
Daarna was het complex tot 1992 in de "mottenballen". Het complex is sinds 1995 in eigendom van de Stichting Cold War Historical Center.

Vanuit dit station zijn ook nog drie maal mobiele stations als test of oefening ingericht bij Dalen (juni 1952, nabij Coevorden), Terschelling (1958) en Ameland (1959).
Het werk is in redelijke staat.
   

Kazerne Westersingel?

Oorspronkelijk waren de manschappen ingekwartierd bij burgers. In oktober 1949 werd de verbouwde ambachtschool in Appingedam als 'Pieter Bierema kazerne' in gebruik genomen.
Vanaf 1955 werd de nieuwe kazerne aan de Westersingel, bedoelt voor Luva, gebruikt.
 
Navigatiestation Noord-Holland (NS N)
(Foto: René Ros, 2005)

Navigatiestation Noord-Holland (NS "N")

Opgericht op 15 november 1950 met call-sign EVENINGSTAR. Het was uitgerust met mobiele radar, types AMES Type 13, 14 en 15.
vanaf 1952 werd de kortere call-sign HIGHWAY gebruikt.

De OPS-bunker was vanaf september 1956 beschikbaar. En later volgden de vaste radars van de typen AN/TPS10D, AN/FPS-8, meerdere SGR109's en SGR110. In 1961 nog een ER438 radar.
De laatste vlucht werd op 12 maart 1976 begeleidt, de radar in Wier (Fr.) nam de waarnemingstaken over. Hierna werd de bunker door de Koninklijke Marine van 1977 tot 1984 gebruikt voor de afdeling operaties van de commandant der zeemacht in Nederland (CZMNED) en het verbindingscentrum. Aansluitend fungeerde het tot juni 2002 als Maritiem Hoofdkwartier Benelux.
Anno 2004 staat de bunker leeg. De vier radarbunkers zijn nog aanwezig.
Het werk is in goede staat.
   

Deibelkamp

Oorspronkelijk was de legering in de oude kazerne Hogerwerfstraat 5 in Den Helder. Vanaf circa 1952 in het voormalig Duitse Hospitaal "Het Baken" (Nieuwe Weg).
Vanaf 1954 werd het Deibelkamp voor legering gebruikt. Dit kamp lag op een deel van het Fort Dirkz Admiraal. Later is het gebruikt als asielzoekerscentrum.
Van het werk zijn nog enkele restanten.
   
Kustradarstation Den Helder
(Foto: Albert Kamstra, z.j.)

Kustradarstation "Den Helder"

Het Kustradarstation bij Den Helder werd. tot in ieder geval september 1957 samen met de Marine gebruikt. De luchtmachttaken werden verzorgd door personeel van NS "N". Het maakte gebruik van een SGR114 rondzoekradar van de NAVGIS (de Oostbatterij, ook wel Fort Navgis genoemd).
Het werk is geheel verdwenen en onherkenbaar.
   
Kustradarstation Amsterdam
(Foto: René Ros, 2004)

Kustradarstation "Amsterdam"

Het Kustradarstation bij IJmuiden (1955 of 1958) werd samen met de Marine gebruikt. De luchtmachttaken werden verzorgd door personeel van NS "N". Het was voorzien van een SGR110 rondzoekradar op een toren (bunker G.31) en een SGR109 hoogteradar (bunker G.22). Tevens van begin 1961 tot na maart 1962 een AN/TPS-10D hoogtezoekradar. Er werden vier Duitse bunkers hergebruikt en een nieuwe bunker gebouwd (kosten 250.000 gulden).
Begin 1962 is de SGR109 verplaatst naar Biak, Nieuw-Guinea.

Van het werk zijn nog enkele restanten.
 

Navigatiestation Veluwe (NS "V")

Opgericht op 1 november 1949 en vanaf 15 februari 1950 operationeel met call-sign BANDBOX. Het was uitgerust met mobiele radar, types AMES Type 13, 14 en 15.

Vanaf september 1950 tot 1951 was de OPS-room in de "groene keet" gevestigd. De legering was in het voormalige militaire hospitaal op het terrein van de landmacht-kazerne.
De ops-bunker werd in 1954 en 1955 gebouwd, ingericht in 1956 en in gebruik genomen op 11 november 1957. Van eind 1956 tot 1959 was er een SGR110 rondzoekradar, vanaf 1957 drie SGR109's en in 1960 en 1961 kwamen er nog twee SGR109's bij.

Vanaf augustus 1958 werd het Sector Operations Centre op dit navigatiestation gevestigd, zie hierboven.

Locatie bekend maar niet gepubliceerd.

 

Navigatiestation Zuid-Holland (NS "Z")

Met call-sign WINDMILL in gebruik van november 1947 tot oktober 1949 voor Search & Rescue operaties. De mobiele installatie (AMES Type 15) stond op de puinhopen van door de Duitse bezetter gesloopte woningen aan de noordpunt van de boulevard van Scheveningen. Het mobiele station stond van juli tot oktober 1949 opgesteld aan de zeedijk bij Monster ter hoogte van strandpaal 111 (AMES Types 13, 14 en 15).

Vanaf oktober 1949 stond het bij De Lier met call-sign MEADOW. Het station kreeg een houten OPS-room om van 1953 tot 1955 voorzien te worden van een OPS-bunker. De buitenmaten zijn 50 bij 50 meter en de wanden zijn 3,5 meter dik maar bij de ingang 5 meter. Er werden drie stalen koepels voor vluchtwegen op geplaatst waarvan twee van 26 ton en een van 15 ton uit de Maginotlinie (Fr.) en voorzien van een extra schuifdeur.
Tevens kwamen er negen kleinere bunkers voor de radars (3x SGR 109, SGR 110 en SGR 114), zender, ontvanger en vuilwaterbunker. Later volgde nog een bunker voor een AN/TPS-10D radar.

Het gebruik als navigatiestation eindigde in 1961 waarna er de Meldings- en Gevechtleidings Opleidings Groep (MEGOG) werd gevestigd waarin onder andere LOGGER werd opgenomen.
De OPS-bunker werd grondig verbouwd en in gebruik genomen door de Mechanisch Elektrische Verwerking Administatieve Gegevens (MEVAG), later Defensie Computer Centrum en sinds 1997 de Defensie Telematica Organisatie (DTO). De meeste andere bunkers zijn gesloopt.
Van het werk zijn nog enkele restanten.
   
Bunker 1
(Foto: Jack Koorneef, 2004)

Bunker 1

Het werk is in redelijke staat.
   

Bunker 2

   

Kustradarstation "Rotterdam"

Het Kustradarstation bij Hoek van Holland (1956) werd samen met de Marine gebruikt. De luchtmachttaken werden verzorgd door personeel van NS "Z". Van 1954 tot 1958 had het een AN/TPS-1D rondzoekradar, vanaf 1958 was het voorzien van een SGR110 rondzoekradar op een toren (bunker DD15, Duits) en een SGR109 hoogteradar (bunker E.E.7).
De radars stonden op en bij een Duitse bunker, type M-152, waarin de afleesapparatuur was opgesteld. Medio 1962 werd het station gesloten.
   

Schefferkamp

Aanvankelijk werd een barak en woning van de Kogelgieterij aan de Buitenwatersloot in Delft als kamp gebruikt.
In 1956 of 1957 werd het dichterbij gelegen Schefferkamp door NS "Z" in gebruik genomen, het bestond al sinds 1954. Van 1998 tot 2003 was het in gebruik als Asielzoekerscentrum, daarna is het geheel gesloopt.
Het werk is herkenbaar op een kaart of luchtfoto.
 

Radarpost Noord

Ter vervanging van Navigatiestation NS "N" en als back-up voor het CRC te Nieuw-Milligen werd een 3D-radar type Medium Power Radar (MPR) bij Wier, in het noorden van Friesland, geplaatst. In 1974 werd het station formeel opgericht en op 15 maart 1976 werd het in gebruik genomen. Het is vol-continue in bedrijf.
Het werk is in originele staat.

Locatie bekend maar niet gepubliceerd.