Het geheim van de atoombunkers

Tekst: Jelle Boonstra

In stilte vierde ons land in 2005 een bijzonder koperen jubileum: in 1992 kwam er een eind aan de nucleaire taken van de Nederlandse landmacht. De Amerikanen haalden hun bommen terug uit de geheime bunkers in 't Harde en op de Havelterberg. Het atoomtijdperk was ten einde. Alleen in 't Harde lag al twintig keer de explosieve kracht van de Hiroshima-bom, is de schatting. Een speurtocht naar de feiten.

Op de Havelterberg, een bosrijke heuvel bij Steenwijk, is het bommenterrein van toen volledig aangeharkt. Op de 'nuclear site' waar Amerikanen zonder waarschuwen met scherp mochten schieten, laten wandelaars nu hun hondjes uit. Dankbaar tillen ze een achterpoot op tegen de wachttoren, relikwie van de Koude Oorlog. 'De site heeft van 1961-1992 dienst gedaan als Amerikaans munitiedepot voor nucleaire munitie', meldt een eenzaam bordje. 'Veel Nederlandse militairen, met name dienstplichtigen, draaiden in deze periode wachtdiensten'.

In hun verhalen is de angst nog voelbaar. Ze moesten rondjes lopen in de buitenring rond de mysterieuze bunkers, die eruit zagen als enorme molshopen. In de binnenring zaten de Amerikanen in schuttersputjes en wachttorens met kogelvrij glas. Omringd door prikkeldraad met scheermesjes. De Nederlanders hadden het gevoel dat ze als ratten in de val zaten tussen de twee metershoge omheiningen, 's nachts fel beschenen door neonlicht. En dat ze zowel voor de indringers als de Yanks een schietschijf zouden zijn als er wat gebeurde.

De Amerikanen hadden de opdracht om het terrein met alle middelen te beschermen. In Havelte en Steenwijk woonden ze in extra grote huizen met een dubbele garage, want wie twee jaar lang dit geestelijk zware werk wilde doen, werd flink in de watten gelegd. Soms was er stampij, als vredesactivisten tegen de bommen te hoop liepen: dan vlogen helikopters over, blaften waakhonden achter de hoge hekken aan de weg. Dan stonden bluskanonnen klaar en hief de ME alvast de wapenstok. Nauwelijks nog voor te stellen op een plek waar nu een eenzame krant voorbij waait.

Alleen in 't Harde is de 'nucleair site' nog ongeschonden. De bunkers zijn weggemoffeld op het Artillerie Schietkamp (ASK). Aan de omheining staan borden: 'Schietterrein - Levensgevaarlijk' met afbeeldingen van herdershonden die eruit zien of ze direct in je kuit willen bijten. De lege bunkers worden af en toe gebruikt als 'oefendorpje' om soldaten voor vredesmissies te trainen in geweldsbeheersing. 'Rondkijken? Dat kan', roept het ministerie van Defensie aanvankelijk erg welwillend. Maar majoor Venekamp, die de rondleiding moet doen, stelt afspraken uit en meldt dan cryptisch 'dat er altijd dingen zijn die een hogere prioriteit krijgen'. Ja, meldt Peter Kees Hamstra op het ministerie, want uiteindelijk mag het toch niet. Het verzoek heeft de aandacht getrokken van de AIVD, de Nederlandse Veiligheidsdienst. De Amerikanen zijn beducht voor dit soort belangstelling, zegt hij. Weliswaar zijn deze bunkers buiten gebruik, maar in andere delen van de wereld zijn ze wel operationeel en hebben ze dezelfde lay-out. Waarom zou je iemand op 'n idee brengen?

Geheimzinnigheid troef. Zelfs op de nieuwste stafkaarten wordt het nucleaire terrein weggelaten. In de omgeving zijn wel wat stukjes groen gearceerd ('militair object') maar net weer op een andere plek dan het supergeheime bommenterrein. Nog de vraag of de Russen dààr ooit ingestonken waren. Dan maar een kijkje bij de bunkers zónder militaire begeleider. Niet moeilijk, je hoeft alleen maar de Prins Frederikweg in te slaan, die tussen 't Harde en Epe het schietterrein oploopt. En vooral even naar links kijken als rechts het ene verbodsbord na het andere opdoemt. Als naast ons een tank door het rulle zand dendert, komt toch even de vraag op of deze missie wel een goed idee is. Maar na anderhalve kilometer doemt het atoomdorp op, een combinatie van het IJzeren Gordijn en de Alcatraz-gevangenis.

Voor romantici heeft het terrein zonder twijfel de ideale mate van verval, met onkruid en betonrot. Overal staan mosgroene containers ('Property US Army') met een manometer voor vochtigheid en eentje voor de temperatuur. Na twee foto's stopt al een auto van de marechaussee. Ai, gesnapt. De papieren worden ingenomen, een deemoedige tocht voor proces-verbaal op het bureau volgt. Dertig euro de man 'wegens het zonder recht bevinden op grond waarvan toegang op blijkbare wijze was verboden'. Dat is in elk geval een mooie voor op het prikbord.

Er volgt een kwartiertje in de arrestantenwachtruimte waarin de fotograaf zijn 'reeds gemaakte foto's' onder toeziend oog moet wissen. Hij boft - vindt de marechaussee, het had ook een boete kunnen worden 'wegens fotograferen van geheime militaire objecten'.

Onzin, die geheimzinnigheid, zegt Hans Kristensen vanuit Washington. Hij is (kritisch) kernwapenexpert van de Natural Resources Defence Council, een vooraanstaande natuurorganisatie: ,,Soms zijn zaken van veertig jaar geleden nog geheim. Niet omdat het zin heeft om het geheim te handhaven, maar omdat de autoriteiten ooit hebben besloten dat atoomtaken geheim zíjn. Irrelevant in dit geval, want van deze generatie bunkers is de lay-out overal gewijzigd. In de afgelopen jaren is de veiligheid zo aangescherpt dat ze niet meer vergelijkbaar zijn.''

Argumenten temeer om deze bunkers in 't Harde dan maar te bewaren voor het nageslacht, als monument, als waarschuwing of wat dan ook. Ronald Vrolijk van Forten.info pleit ervoor - de club die zich beijvert voor het bewaren van militair erfgoed. Maar zelfs bij het Nederlands Artillerie Museum hebben ze er weinig oren naar. De site ligt te ver op militair terrein, zegt manager Paul van Brakel. En de Amerikanen blijven nog jaren de baas in dit kleine stukje Holland ter grootte van twee voetbalvelden.

Vreemd genoeg herinnert in zijn museum niets aan de nucleaire dagen: de collectie stopt in 1950 en door de bezuinigingen komt er voorlopig ook geen aandacht voor. Ook in sociaal opzicht is weinig beklijfd van de nucleaire jaren, zegt hij. ,,Nadat de Amerikanen in 1992 hier de deur dicht deden, heeft de provincie eens onderzocht of er hier nog militairen waren blijven hangen. Dat was niet zo, integreren, daar deden ze niet aan, ze woonden altijd op een kluitje. En waren afstandelijk, óók in het dagelijkse werk, hoor ik de militairen hier nog wel eens zeggen. Zelfs op kerstkaartniveau zijn er geen contacten meer.''

GPD, geplaatst op 15-7-2005 14:35